Vennootschapsbelasting in België: gids 2026
25% standaardtarief, verlaagd kmo-tarief 20% en voorwaarden, btw 21/12/6%, registratierechten per gewest, roerende voorheffing en nieuwigheden 2026.
Laatst bijgewerkt:
Q: Hoe worden vennootschappen belast in België?
De vennootschapsbelasting bedraagt 25%, met een verlaagd tarief van 20% op de eerste schijf van €100.000 voor kmo's die aan de voorwaarden voldoen (waaronder een bestuurdersbezoldiging van minstens €50.000). De btw bedraagt 21% (verlaagde tarieven 12% en 6%), en de registratierechten op vastgoed verschillen per gewest: 12% in Vlaanderen, 12,5% in Wallonië en Brussel, met verlaagde tarieven voor de eigen woning. Sinds 2026 komen daar een heffing van 10% op meerwaarden van particulieren en een heffing van 5% op DBI-BEVEK's bij.
Wat is het tarief van de vennootschapsbelasting?
Belgische vennootschappen zijn onderworpen aan de vennootschapsbelasting tegen het standaardtarief van 25% op hun wereldwijde winst, onder voorbehoud van de belastingverdragen. Dat tarief plaatst België in de Europese middenmoot; de aantrekkelijkheid van het systeem berust eerder op de bijzondere regimes (DBI, innovatieaftrek) dan op het nominale tarief.
De aangifte gebeurt elektronisch bij de FOD Financiën, op basis van de jaarrekening die bij de Nationale Bank van België wordt neergelegd.
Hoe werkt het verlaagde kmo-tarief van 20%?
Kmo's genieten een verlaagd tarief van 20% op de eerste schijf van €100.000 belastbare winst. De belangrijkste voorwaarden:
- Een kleine vennootschap zijn in de zin van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (groottecriteria);
- Aan minstens één bedrijfsleider-natuurlijke persoon een bezoldiging van minstens €50.000 toekennen (bedrag van toepassing sinds aanslagjaar 2025), waarbij de voordelen van alle aard beperkt zijn tot 20% van die bezoldiging;
- Geen financiële of holdingvennootschap zijn boven de wettelijke drempels.
Boven €100.000 wordt de winst belast tegen het standaardtarief van 25%. De bezoldigingsvoorwaarde maakt het loonbeleid van de bedrijfsleider tot een fiscale parameter op zich — een afweging om met een boekhouder te modelleren, want de bezoldiging is zelf onderworpen aan de personenbelasting en sociale bijdragen.
Wat zijn de btw-tarieven?
- 21% — standaardtarief, standaard van toepassing op leveringen van goederen en diensten;
- 12% — verlaagd tarief, onder meer voor de restauratie;
- 6% — verlaagd tarief voor basisgoederen, boeken en bepaalde onroerende werken;
- Vrijstellingen — met name financiële en medische diensten.
Elke vennootschap met een economische activiteit moet zich voor de btw identificeren (nummer in het formaat BE 0XXX.XXX.XXX). Het OSS-regime vereenvoudigt grensoverschrijdende B2C-verkopen in de EU. Zie onze pagina Btw-registratie in België.
Welke registratierechten per gewest?
De registratierechten op vastgoedaankopen zijn geregionaliseerd — het tarief hangt af van de ligging van het onroerend goed, niet van de zetel van de koper:
| Vergelijking | Vlaanderen | Wallonië | Brussel |
|---|---|---|---|
| Standaardtarief | 12% | 12,5% | 12,5% |
| Verlaagd tarief (enige eigen woning) | 2% | 3% | Abattement €200.000 (hoofdverblijfplaats, max €600.000) |
| Voorwaarden 2026 | Aangescherpt op 1 januari 2026: enkel volle eigendom, inschrijving binnen 3 jaar, bewoning min. 1 jaar | Enige eigen woning (15% voor onbebouwd) | Eigen abattementsvoorwaarden van het gewest |
Dividenden: welke roerende voorheffing?
- 30% — standaard roerende voorheffing op uitgekeerde dividenden;
- 15% — mogelijk onder voorwaarden voor kmo's via het VVPR-bis-regime;
- 0% — dividenden aan een EU-moedervennootschap (deelneming ≥ 10%, houdperiode 1 jaar, moeder-dochterrichtlijn);
- 5–15% — gebruikelijke verdragstarieven dankzij het netwerk van meer dan 95 belastingverdragen.
Welke gunstregimes blijven bestaan?
- DBI-regime: aftrek van 100% van de dividenden uit dochterondernemingen (deelneming van 10% of €2,5M, houdperiode van een jaar, normaal belaste dochter) en vrijstelling van meerwaarden op aandelen onder dezelfde voorwaarden — de kern van het Belgische holdingregime, uitgewerkt in onze gids De holdingvennootschap in België (DBI).
- Innovatieaftrek: 85% van de netto-inkomsten uit octrooien en software aftrekbaar (effectief tarief van ongeveer 3,75%).
- Tax shelter kmo's: belastingvermindering voor investeerders in jonge vennootschappen.
Afgeschaft regime: de notionele interestaftrek bestaat niet meer sinds aanslagjaar 2024. Oudere content stelt hem nog voor als een troef van het Belgische systeem — dat is niet langer het geval.
Welke fiscale nieuwigheden in 2026?
Sectie herzien op 25 juli 2026.
- Heffing van 10% op meerwaarden van particulieren (1 januari 2026): meerwaarden die natuurlijke personen op hun financiële activa realiseren worden voortaan belast tegen 10% — een nieuwe parameter voor aandeelhouders en exitplanning.
- Heffing van 5% op DBI-BEVEK's (1 januari 2026): DBI-BEVEK's gebruikt voor thesauriebeheer zien hun nettorendement dalen.
- DBI-hervorming (aanslagjaar 2026): de toegangsroute via de aanschaffingswaarde van €2,5 miljoen vereist voortaan de boeking van de deelneming als financieel vast actief.
- Vlaanderen — registratierechten (1 januari 2026): voorwaarden van het verlaagde tarief van 2% aangescherpt (enkel volle eigendom, inschrijving binnen 3 jaar, bewoning van minstens 1 jaar).
Welke aangifte- en nalevingsverplichtingen heeft een vennootschap?
Naast de tarieven zelf bepaalt de nalevingskalender de werklast van een Belgische vennootschap. De belangrijkste terugkerende verplichtingen:
- Jaarrekening — jaarlijks neer te leggen bij de Nationale Bank van België; zij vormt de basis van de fiscale aangifte.
- Aangifte vennootschapsbelasting — elektronisch in te dienen bij de FOD Financiën.
- Btw-aangiften — maandelijks of per kwartaal, naargelang het regime; intracommunautaire opgaven waar van toepassing.
- UBO-register — registratie en actualisering van de uiteindelijke begunstigden.
- Voorafbetalingen — vennootschappen die onvoldoende voorafbetalen, riskeren een belastingvermeerdering; plan de kaskalender samen met uw boekhouder.
Een gemiste termijn kost doorgaans meer dan het ereloon dat een goede opvolging voorkomt — reken de begeleidingskosten dus mee in het fiscale plaatje.
Uw vennootschap oprichten: de fiscale invalshoek van bij de start
De keuze van de rechtsvorm (bv of nv), het niveau van de inbrengen en het bezoldigingsbeleid van de bedrijfsleider bepalen de toegang tot het verlaagde tarief van 20% en tot het VVPR-bis-regime. Die keuzes stellen zich vóór de oprichting — onze gids Een bv oprichten in België behandelt de stappen en het financieel plan, en onze pagina Vennootschapsoprichting beschrijft de mogelijke begeleiding door een advocaat.
Officiële bronnen
Referenties: FOD Financiën (vennootschapsbelasting, btw, roerende voorheffing), Belgisch Staatsblad / Justel (wetteksten) en de gewestelijke belastingdiensten voor de registratierechten. Informatie geverifieerd op de datum bovenaan de pagina — de wetgeving evolueert, bevestig uw situatie met een gekwalificeerde professional.
Veelgestelde vragen
Het standaardtarief van de vennootschapsbelasting bedraagt 25%. Kmo's genieten een verlaagd tarief van 20% op de eerste schijf van €100.000 winst, onder voorwaarden — met name een kleine vennootschap zijn in de zin van het WVV en een bestuurdersbezoldiging van minstens €50.000 toekennen (voordelen van alle aard beperkt tot 20% van die bezoldiging).
Het standaardtarief is 21%. Een verlaagd tarief van 12% geldt onder meer voor de restauratie, en een tarief van 6% voor basisgoederen, boeken en bepaalde onroerende werken. Sommige handelingen zijn vrijgesteld (financiële en medische diensten).
Vlaanderen: 12% (verlaagd tarief 2% voor de enige eigen woning — aangescherpt sinds 1 januari 2026: enkel volle eigendom, inschrijving binnen 3 jaar, bewoning van minstens 1 jaar). Wallonië: 12,5% (verlaagd tarief 3% voor de enige eigen woning). Brussel: 12,5% met mogelijk abattement van €200.000 voor de hoofdverblijfplaats. Nieuwbouw is onderworpen aan 21% btw in plaats van registratierechten.
Sinds 1 januari 2026: heffing van 10% op meerwaarden die particulieren op hun financiële activa realiseren, en heffing van 5% op DBI-BEVEK's. Vanaf aanslagjaar 2026 vereist de DBI-route "€2,5 miljoen" de boeking als financieel vast actief. In Vlaanderen werden de voorwaarden van het verlaagde registratierecht van 2% aangescherpt.
De standaard roerende voorheffing bedraagt 30%. Zij kan onder voorwaarden dalen tot 15% (VVPR-bis-regime voor kmo's), en dividenden aan een EU-moedervennootschap (deelneming ≥ 10%, houdperiode 1 jaar) zijn vrijgesteld op grond van de moeder-dochterrichtlijn. Belastingverdragen verlagen het tarief vaak tot 5-15%.
Nee. De notionele interestaftrek (aftrek voor risicokapitaal) werd afgeschaft vanaf aanslagjaar 2024. De gunstregimes die wel nog bestaan zijn onder meer het DBI-regime (dividenden), de innovatieaftrek (85% van de inkomsten uit octrooien en software) en de tax shelter voor kmo's.
Klaar om te starten?
Deze gids is een informatief startpunt. Voor juridisch advies op maat van uw situatie brengen wij u in contact met een onafhankelijke advocaat die is ingeschreven bij een Belgische balie.